Vakopleiding Meubelstofferen

Amsterdam/Rotterdam ■

Meubelstofferen in het kort

Wat? Tweejarige opleiding Meubelstofferen
Waarom? De opleiding biedt een veelzijdig programma waarin zowel de enthousiaste hobbyist als de professionele meubelstoffeerder in spé zich compleet kan onderdompelen in de wereld van het meubelstofferen.
Waar? HMC Amsterdam en HMC Rotterdam
Wanneer? De vakopleiding start op beide locaties ieder jaar in september. In Amsterdam wordt de opleiding op de zaterdag gegeven van 08:30-16:00 en in Rotterdam op de vrijdag van 08:30-16:00. In Rotterdam zit de opleiding vol en zetten wij je op een reservelijst.
Hoeveel? Kosten jaar 1: Lesgeld: € 3200,- Gereedschapskist: € 315,- Lesboek: € 60,- Materiaalkosten: +/-€ 190,-

Kosten jaar 2: Lesgeld: € 3200,- Eindexamen stoel: € 157,- Materiaalkosten: +/-€ 190,-

Wat leer je precies tijdens de opleiding?

De vakopleidingen kenmerken zich door een intensief en professioneel lesprogramma waarbij het vak vanaf de basis grondig wordt beoefend. De lessen worden gegeven in goed geoutilleerde praktijklokalen door ervaren praktijkdocenten. Tijdens de praktijklessen worden ook vaktheorie-lessen aangeboden welke direct aansluiten bij de praktijk. Bij de start van een nieuwe praktijkopdracht of nieuw onderdeel krijgt u vooraf uitleg en instructie. Ook staat de opdracht, ondersteund met beeldmateriaal, beschreven in de praktijkwerkmap.

In de naaimachine machinale (Amsterdam) of in het lokaal (Rotterdam) staan verschillende industriemachines en lockmachines. Tijdens de machinale instructielessen leer je werken met deze machines waarna er zelfstandig gewerkt mag worden.

In het eerste leerjaar wordt de basis van het meubelstofferen gelegd. Alle basistechnieken en vaardigheden komen aan bod en worden onder begeleiding aangeleerd.

De opdrachten zijn: de plank, de moderne vlakstoffering, de trechterpoef, de moderne hoogstoffering, de klassieke hoogstoffering en verschillende stikopdrachten. Bij de opdrachten is verdieping of verbreding voor de vaardige student mogelijk. Is het programma eerder afgrond, dan kan er, in overleg met de docent, eigen werk worden meegenomen.

Technieken en vaardigheden: Recht van draad werken, bekledingsmateriaal ophechten, aanspannen en vastzetten, inknippen, slepen, stikken op de huishoud- en industrie naaimachine, locken, rits inzetten, aanspannen van verschillende soorten singels, een wrong aanbrengen, een object in elkaar zetten, hoeken invouwen, schroeven, boren, verzinken, lijmen, polyether zagen, kanten uitvullen, koppelen, afnaaien en afwerken, stofknopen maken en intrekken, opmeten en een eenvoudig stofplan maken.

Machinale instructie: In groepjes van ongeveer 6 personen krijg je 3x een halve dag instructie om te leren werken met de naai- en lockmachine. Je theoretische kennis wordt op een aantal momenten getoetst. En aan het eind van het eerste leerjaar lever je een portfolio in waarin je  je ontwikkeling aantoont met behulp van beeldmateriaal.

In het tweede leerjaar verdiepen we de kennis en vaardigheden. We werken aan een grote complexe opdracht, de oorfauteuil. Je schaft een kale romp aan op school, bouwt deze op en bekleed deze. Verschillende vaardigheden en technieken die in het eerste leerjaar zijn geleerd worden gecombineerd en op een hoger niveau worden toegepast. Je zelfstandigheid wordt vergroot, gestuurd wordt op het zelf kunnen verantwoorden van keuzes en het zelfstandig werken. Daarnaast leer je ook capitonneren, een damkussen en volant stikken.

De opdrachten zijn: een oorfauteuil opbouwen en bekleden, het stikken van een damkussen, het stikken van een rokje en capitonneren van een bordje. Is het programma eerder afgrond, dan kan er, in overleg met de docent, eigen werk worden meegenomen. Tijdens het tweede leerjaar schrijf je een procesverslag over het opbouwen en stofferen van de oorfauteuil. Je verantwoord je keuzes en onderbouwd deze met behulp van beeldmateriaal.

Technieken en vaardigheden: Verwerken van nosagveren, een kantdraad buigen en aanbrengen, een festonsteek maken, polyether schuin zagen, plooien invouwen, het maken van een mal, een damkussen stikken, een zitkussen (hoes) met bies en rits stikken, capitonneren, het maken van een complex stofplan.

Wanneer je alle onderdelen uit leerjaar 1 en 2 met een voldoende afrond kom je in aanmerking voor het ECM branche erkend diploma meubelmaken. Wil je niet deelnemen aan de toetsen, het portfolio en het schrijven van een procesverslag, dan kun je kiezen voor het certificaat.

Tijdens de groots opgezette feestelijke HMC-expo week aan het einde van het tweede leerjaar is het ook mogelijk voor de studenten van de vakopleiding om hun eindmeubel te exposeren.

Is deze opleiding geschikt voor mij?
Deze opleiding is geschikt voor mensen:

• die het leuk vinden om met hun handen te werken

• enthousiast zijn om te starten

• bereid zijn om 1 dag per week op het HMC nieuwe dingen te leren

Wat is de groepssamenstelling?
De groep bestaat uit maximaal 16 studenten. Op dit moment ligt de gemiddelde leeftijd op 45 jaar en bestaat de meerderheid uit vrouwen. Er zijn geen toelatingseisen.
Wat kan ik na deze opleiding gaan doen?
Na deze opleiding kun je gaan werken bij een meubelstoffeerderij die bestaande meubels herstoffeert of een stoffeerafdeling van een bedrijf dat nieuwe meubels levert. Heb je veel talent en bezit je over voldoende ondernemersvaardigheden, dan is het starten van een eigen bedrijf ook een mogelijkheid.

Interesse in meubelstofferen? Schrijf je in en mogelijk sta jij over twee jaar ook trots naast je eigen stoel met een diploma in je hand, zoals deze oud-studenten.

Wil je meer weten? Bekijk dan onderstaande video.

Mocht je nog niet zeker weten of de vakopleiding meubelstofferen iets voor jou is, dan zou je eerst onze Cursus Meubelstofferen kunnen volgen, waarin je een kennismaking met het vak krijgt en zo kunt bepalen of je de volledige opleiding wilt volgen.